Wim Vandekeybus
Als danser, regisseur en vader wordt hij gedreven door een zware lichtheid. Hij noemt zichzelf een dynamo die anderen aandrijft, maar heeft ook neerslachtigheid nodig om de nodige leegte te creëren.
Hoe balanceer je tussen ratio en instinct?
'Ik hou van puurheid, van impulsieve mensen die als een boog weggeschoten worden. Het dromerige, het hallucinante en het angstige, daar speel ik constant mee. Ik snijd het diertje niet open om de binnenkant te zien en dan te merken dat het dood is.' 'Ik denk veel na. Na 20 jaar en 26 voorstellingen is weten soms wel ballast. Mijn vorige ploeg wist op de duur te goed wat ze níét wilde, terwijl ik die dingen misschien net wel wilde. Ik had nood aan nieuwe mensen, aan een soort van primitiviteit die je bijna dwingt de banaliteit van het hedendaagse te vergeten. Ik hou niet van mensen die alles realistisch zien, zo kun je niet werken. Met leven is het anders. De lichtheid van de realiteit is soms verademend in vergelijking met de zwaarte van je gedachten. Zo is het bijvoorbeeld fijn om rechtuit te zijn - mensen spreken niet in verzen. (lacht) '
Hoe ziet je donkere kamer eruit?
'Ik trek dingen door het zwarte gat in mijn achterhoofd. Ondanks het gelul over de crisis leven we in een ontzettende zekerheid, maar toch zie ik altijd wat er fout kan gaan. Dat is mijn catastrofale verbeelding. Als kind verplichtte ik mezelf me iets ergs in te beelden voor ik thuiskwam, anders zou het ook echt gebeuren.' 'De energieën die ik zoek, persoonlijk en creatief, worden gekenmerkt door een zware lichtheid. Ik ben heel positief, anders kan ik niet werken. Als een dynamo drijf ik constant mensen aan. Maar ik kan ook heel neerslachtig zijn, al duurt dat minder lang. Toch is die neerslachtigheid belangrijk om een leegte te creëren, een nieuwe dynamiek. Een voorstelling is geen kauwgom waarop je moet blijven kauwen - op een gegeven moment moet je hem uitspuwen en niets meer doen. Je kunt alleen blijven ontdekken als je af en toe alle rommel buitenzet.' 'Ik hou van het vergankelijke. Hoewel we ernaar verlangen het eeuwige te vatten, zijn we maar interessant doordat we moeten sterven. Anders zouden we zijn zoals Sinterklaas, die cadeautjes moet uitdelen om zijn ongelukkig zijn te compenseren (lacht) .'
Wanneer voel je je het lichtst in het hoofd?
'Mijn tweede zoon is net geboren, dus ik ben gelukkig. Misschien betrekken mijn vrouw en ik in ons gezin nog een kind dat niet van ons is. In Europa zou elke ouder verplicht moeten worden een ander kind te adopteren.' 'Het lichtst in het hoofd voel ik me als veel dingen samenkomen, als ze een knoop vormen. Of als ze op me afkomen, bijvoorbeeld terwijl ik niets doe. Ik moet mijn creaties, en soms ook het leven, pushen. Dan verlang ik wel eens naar de vrijheid van on-controle , van gevlogen worden. Al ben ik een controlefreak en delegeer ik soms te weinig, toch kan ik mezelf heel goed wegcijferen. Ook muziek inspireert me ongelooflijk om mijn innerlijke ritmes te vinden. Nu werk ik samen met Mauro. Hij is bezeten! Dat vind ik echt mooi. Ter voorbereiding van What the body does not remember leefde ik eens drie weken samen met Dag, een hyperkinetische vijfjarige. We spraken enkel tegen elkaar, tegen niemand anders. We typten teksten, bezochten musea, bouwden kaders - heel inspirerend.'
Hoe verwerf je inzicht in je medemensen?
'In het begin van de twintigste eeuw is er veel geschreven over de wijsheid van de ziel, dat inspireert me. Tegenwoordig legt de wetenschap alles uit of zoeken mensen in paniek hun heil in andere hulpmiddelen om de zin van het leven te begrijpen. Zonder er een godsdienst van te maken, geloof ik dat je de wijsheid van je voorvaderen tot tienduizenden jaren terug in je draagt. Soms zie ik een heel oud, sterk iemand gevangen in het tedere, fragiele en schichtige lichaam van een jonge danser. Ze zouden lachen als ze zagen hoe ik de dingen een naam geef, maar het werkt als een innerlijke structuur. Ik kneed mijn dansers, maak ze iemand anders, laat ze anders bewegen. Ik wil nooit een dubbele cast - mijn mensen moeten voelen dat ze onvervangbaar zijn.'
Levert de confrontatie de beste inzichten op?
'Ja, je moet durven te werken met mensen die je niet als schapen volgen, daar leer je het meeste van. Je mag je niet als een god gedragen. Ik wil dat mijn jeugdige gezelschap mij nodig heeft, maar ze zetten me niet op een troon. In de studio heb ik geen bureau, laat staan een regisseursstoel.' 'Als mijn ploeg een scène waarin ik geloof, afschuwelijk vindt, zal ik nog harder werken om ze waar te maken. Het is heel fijn om alles te kunnen zeggen en daarna samen een pint te drinken. Hoe oerklassiek het ook is, het is zoals in het nummer One van U2: " One love, one life, but we're not the same" . Het is net mooi dat je je partner of collega als andere respecteert en ontdekt. Als iemand zegt: "Wat een mooie sterrennacht", dan denk ik: "Ja, maar jouw nacht is een andere dan de mijne."'
Denk je altijd op meerdere sporen tegelijk?
'Mijn moeder zei vroeger: "Waarom doe je niet eens één ding?", als ik tegelijk gymnastiek, paardrijden en nog iets beoefende. In niets ben ik echt goed, maar in heel veel dingen tamelijk goed. Een professionele amateur. (lacht) ' 'Ik hou niet van fixaties. Misschien draai ik me om en kom ik iets tegen. Dat risico, die constante drang naar iets nieuws, zit in mijn karakter en mijn werk. Ik wil het gevoel van een haven die openingen geeft naar vele zeeën. Ik denk nu al aan mijn derde film - het zou prachtig zijn om een nieuwe Hair te maken met Daan, Omar Rodriguez en David Byrne! Ja, zelf spelen mis ik, maar je moet keuzes maken in de chaotiek van het verlangen. Het nu is zo inspirerend omdat het zwanger is van het heden en het verleden.'
Wim Vandekeybus (45) is choreograaf, regisseur en fotograaf. In mei gaat zijn nieuwe dansvoorstelling in première in Barcelona. In 2011 hoopt hij zijn eerste langspeelfilm, 'Galloping mind', af te hebben. http://www.ultimavez.com